Column Bob Hoogenboom

De maximaal beveiligde samenleving en nieuwe surveillancetechnieken*

Bob Hoogenboom

We didn’t have any answers, but at least we brought up the questions.
- David Crosby of Crosby, Stills & Nash

Inleiding

Gary Marx gebruikt de popsong ‘Every Breath You Take’ van The Police om te wijzen op nieuwe technologieën die worden ingezet voor sociale controle:

Every breath you take[breath analyzer]
Every move you make[motion detector]
Every bond you break[polygraph]
Every step you take[electronic monitoring]
Every single day[continuous monitoring]
Every word you say[bugs, wiretaps, mikes]
Every night you stay[light amplifier]
Every vow you break[voice stress analysis]
Every smile you fake[brain wave analysis]
Every claim you stake[computer matching]
I'll be watching you[video]

Het nummer gaat over een obsessieve man die zijn geliefde ‘in de gaten houdt’ en alles wat zij doet dag en nacht zal volgen. Gary Marx (1988) schrijft vanaf het begin van de jaren zeventig over sociale controle, en vanaf het midden van de jaren tachtig meer en meer over techniek en sociale controle. Hij wordt in wat nu surveillance studies heet gezien als een onderzoeker van het eerste uur. In de kennissamenleving kan informatie voor allerlei doeleinden worden aangewend, waaronder sociale controle. Ik bespreek een aantal concepten uit het werk van Gary Marx om dit te duiden.

Macht en surveillance

Een van de centrale noties in het werk van Marx - en later in het vakgebied surveillance studies - is macht:
1. surveillance gaat over macht;
2. informatie is essentieel om macht uit te oefenen;
3. de technieken om informatie te verwerven zijn in de kennissamenleving ingrijpend toegenomen, zowel kwalitatief als kwantitatief;
4. informatieverwerving neemt toe, zowel in de breedte (meer onderwerpen, meer aspecten van ons sociale leven) als in de diepte daarvan;
5. de interconnectiviteit tussen verschillende surveillancetechnieken neemt toe waardoor meer macht wordt verworven door overheden, maar ook door bedrijven over hun werknemers;
6. informatieverwerving wordt routinematig onderdeel van dagelijkse activiteiten (werken, boodschappen doen, reizen, betalen, e-mail en internetverkeer) en is vrijwillig en lang niet altijd opgelegd;
7. de classificatie van mensen en gebeurtenissen wordt steeds preciezer en steeds meer gedifferentieerd;
8. de macht van de staat en private organisaties neemt toe en gaat hand in hand met een toenemende onzichtbaarheid en afnemende accountability van de surveillance zelf en de relatieve afname van macht van burgers en werknemers;
9. de subjecten van surveillance zijn overwegend passief, ongeďnteresseerd en veelal ook meewerkend als gevolg van onwetendheid, onkunde, manipulatie, deceptie of verleiding.**

Grensvervagingen

Door het werk van Gary Marx loopt het concept ‘grensvervaging’ als een rode draad. Als gevolg van de nieuwe surveillance:
- vervagen de grenzen tussen afstand, dag en nacht en fysieke barričres doordat nieuwe technieken de wereld bestrijken (satellieten, Google Earth, en YouTube), en we ook ’s nacht kunnen zien (infrarood) en door muren kunnen ‘kijken’ (warmtedetectoren om mensen waar te nemen);
- vervagen tijdsgrenzen omdat informatie gemakkelijk opgeslagen kan worden en altijd kan worden teruggehaald uit systemen (telefoon- en e-mailverkeer, financiële transacties, reizen, aankopen et cetera);
- vervagen grenzen tussen publieke organisaties onderling en in het bijzonder tussen publieke en private organisaties.

Kenmerken

De nieuwe surveillance is kapitaalintensief en steeds minder arbeidsintensief. De geüniformeerde bewaker maakt plaats voor audio- en videosystemen, de politiesurveillance wordt aangevuld met camerasystemen in de publieke ruimte en met bijvoorbeeld geautomatiseerde kentekenplaatherkenning die gekoppeld is aan bestanden van gezochte criminelen, openstaande boetes of belastingschulden. De breedte en diepgang van de nieuwe surveillance wordt niet begrensd door de techniek, maar door investeringen en deze investeringen zijn afhankelijk van politieke keuzes. In de afgelopen decennia is meer ruimte ontstaan voor de verschillende nieuwe surveillancetechnieken.

De nieuwe surveillance leidt tot een verschuiving van een gerichtheid op individuen en een bijzondere verdenking naar een bredere categoriale gerichtheid en algemene verdenking.
De nieuwe surveillance leidt tot toenemende zelfcontrole (‘self policing’) van burgers die (on)wetend hun eigen surveillance in gang zetten door te reizen, te winkelen, te internetten, te betalen, een boek te lenen bij de bibliotheek of mobiel te bellen.
De nieuwe surveillance is of onzichtbaar of is nauwelijks zichtbaar. De fysieke afstand tussen diegene die kijkt en bekeken wordt is groot en wordt groter: camerabeelden worden op (grote) afstand bekeken; de monitoring van creditcardgebruik gebeurt ver weg in kantoren en bijvoorbeeld de opslag en analyse van internetverkeer door providers voltrekt zich buiten het zicht van burgers. De surveillancetechnieken worden vaak niet als zodanig gezien of herkend omdat zij onderdeel zijn geworden van routinehandelingen.

De nieuwe surveillance is intensiever dan alles wat hiervoor in vroegere tijden bestond, graaft dieper en ontdekt meer informatie dan ooit, omdat de informatiedrilboren op meer plaatsen worden ingezet en nu ook dieper kunnen boren.

Netwidening

Gary Marx gebruikt Stan Cohen's (1985) werk Visions of Social Control en in het bijzonder Cohen’s begrip ‘netwidening’: het (technische) sociale controlenet wordt over grotere delen van de samenleving uitgegooid en de mazen worden kleiner. Bovendien is het aantal vissers - de overheid en in het bijzonder ook het bedrijfsleven - in aantal toegenomen. Iedereen kan bekeken worden, en kan (tegelijkertijd) betrokken zijn bij de nieuwe surveillance. Denkt u bijvoorbeeld aan Misdaad Anoniem waar burgers telefonisch een misdaad kunnen melden.

De nieuwe surveillance wordt algemeen gezien als nuttig en noodzakelijk zowel door de overheid, als door het bedrijfsleven. De nieuwe surveillance heeft veel attractieve kanten:
- de hartpatiënt met een ingebouwde chip die het ziekenhuis waarschuwt als er iets gebeurt, leeft daardoor langer;
- een corrupte rechter kan door elektronische surveillance door de mand vallen als hij wordt omgekocht;
- serieuze misdaden worden opgelost doordat burgers een alarmlijn bellen. Met satellietfoto’s kan illegale milieudumping door zeeschepen en bedrijven in een rivier worden vastgelegd, en
- fraudedetectieprogramma’s van de Belastingdienst sparen de belastingbetaler geld uit.

In toenemende mate zijn burgers - als ze zich al bewust zijn van de nieuwe surveillance - welwillend, ja zelfs gretig om in een wereld met indringende surveillancetechnieken te leven. Juist vanwege deze verwachte positieve opbrengsten. Er is geen plek meer waar de burger zich kan verschuilen, maar is dit erg?

De maximaal beveiligde samenleving

Gary Marx ontwikkelde in 1988 het concept ‘maximum-security society’ dat bestaat uit vijf elkaar versterkende subsamenlevingen:

1. een dossier samenleving waarin digitale dossiers een grote rol spelen;
2. een actuariële of voorspellende samenleving waarin beslissingen steeds meer worden genomen op basis van risicoanalyses en voorspellingen over individueel gedrag op basis van steeds meer informatieopslag;
3. een maakbare samenleving waarin individuele keuzes in toenemende mate beperkt zijn;
4. een transparante of poreuze samenleving waarin de grensbewaking tussen privé en publiek minder streng wordt en
5. een zelfcontrole samenleving waarin burgers onderdeel zijn geworden van de maximaal beveiligde samenleving en (on)bewust tegelijkertijd worden geobserveerd en informatie geven aan diegenen die observeren.

Gary Marx gebruikt in dit verband het volgende citaat:

‘You ought to have some papers to show who you are’, the police officer advised me.

‘I do not need any paper. I know who I am’, I said.

‘Maybe so. Other people are also interested in knowing who you are.’

-B. Traven, The Death Ship

In de kennissamenleving is een aantal van Gary Marx’s ontwikkelingen en concepten in meer of mindere mate waarneembaar, maar het ontbreekt aan systematisch wetenschappelijk onderzoek naar de aard en omvang van nieuwe surveillancetechnieken, laat staan dat op theoretisch en empirisch niveau uitspraken kunnen worden gedaan over de gewenste en ongewenste gevolgen daarvan. Of de kennissamenleving - los van alle positieve zijden daarvan - ook trekken van een maximaal beveiligde samenleving kan krijgen blijft dan ook vooralsnog ongewis. Alleen fundamenteel en toegepast onderzoek en aansluitend een maatschappelijk debat kan hierin voorzien. Aan Gary Marx ligt het niet. Net als de popband Crosby, Stills & Nash heeft hij geen antwoorden, maar hij stelt tenminste de vragen. Meer kunnen we van een sociale wetenschapper niet vragen.

Deze column verschijnt in september 2010 ook in:
Jaarboek Kennissamenleving; thema inzicht en toezicht (Popkema, M., e.a. - Uitgeverij Aksant).

* http://web.mit.edu/gtmarx/www.garyhome.html. Op deze website vindt u tientallen artikelen, hoofdstukken en boeken van Gary Marx. Ik heb voor dit stukje voornamelijk geput uit zijn boek Undercover: Police Surveillance in America (1988).
** Marx, G. (2005). Seeing Hazily, But Not Darkly. Through the Lens: Some Recent Empirical Studies of Surveillance Technologies. Law and Social Inquiry, (30)2.

SMVP - Column Bob Hoogenboom - De maximaal beveiligde samenleving en nieuwe surveillancetechnieken

A+
A+   A-
     A-