Lokale inbedding van het Openbaar Ministerie

De huidige reorganisatie van het Openbaar Ministerie (OM) kenmerkt zich door een sterke nadruk op centralisatie en functionalisering. Dit uit zich onder andere door het loslaten van territoriale grenzen door de Procureurs-generaal die niet langer ieder voor zich zijn gebonden aan een gerechtshof, waardoor er sprake is van een toenemende centrale sturing bij het OM. Functionalisering komt sterk tot uiting bij het landelijk parket, dat zich richt op bestrijding van nationale en internationale vormen van zware, georganiseerde criminaliteit en bij het functioneel parket, dat is gericht op bestrijding van criminaliteit op het gebied van fraude, economie en milieu. Het zijn alle ontwikkelingen die wijzen in de richting van steeds meer schaalvergroting, ook door meer centrale voorzieningen bij het OM. En ook steeds lijkt het streven naar meer procesefficiency de dominante grondtoon bij de reorganisatie van het OM. Wie denkt dat hiermee het verhaal over de reorganisatie bij het OM in het kort is geschetst, komt bedrogen uit. Want bovenstaande ontwikkelingen nopen de traditionele arrondissementsparketten zich te bezinnen op de uitoefening van hun taken. Maar door centralisatie en functionalisering neemt de lokale en regionale betekenis van de arrondissementsparketten toe. En dat maakt de vraag naar lokale inbedding van het OM actueel. De initiatieven rond Justitie in de Buurt vormden al de opmaat van deze ontwikkeling.

Een betrekkelijk nieuw fenomeen is het ontstaan van een veiligheidshuis binnen een gemeente. In vele steden is hiervan thans al sprake. In de veiligheidshuizen wordt het gedachtegoed uitgewerkt dat eind vorige eeuw in het kader van het Grote Stedenbeleid ontwikkeld is in de kantoren Justitie in de Buurt (JIB). Het is de ambitie van de huidige minister van justitie, dr. E.M.H. Hirsch Ballin, om eind 2009 een landelijk dekkende structuur van veiligheidshuizen te hebben ingevoerd. Deze veiligheidshuizen bieden bij uitstek een mogelijkheid voor lokale inbedding van het OM. Veiligheidshuizen bieden alle partners die te maken hebben met daders en slachtoffers van criminaliteit de mogelijkheid tot samenwerking in ketenverband. Naast politie en gemeente zijn dat dus welzijnwerk, zorgpartners en woningcorporaties.

Een veiligheidhuis heeft twee kenmerken:
- op bestuurlijk niveau (de bovenbouw) is het een ketenkantoor, waaraan een stuurgroep en/of projectgroep leiding geeft. Alle betrokken partners zijn vertegenwoordigd;
- op uitvoerend niveau is het een stedelijk knooppunt van diverse vormen van gebiedsgebonden werken.
Dit gebiedsgebonden werken kent een breed scala van activiteiten. Het loopt van proactief, preventief optreden via tegenhouden, naar repressie en nazorg. Het veiligheidshuis heeft tot doel onveiligheid, respectievelijk criminaliteit te verminderen door het maken van persoonsgerichte afspraken door ketenpartners om recidive te voorkomen. Dat betekent dat de kerntaak ligt op de curatieve aanpak, dat wil zeggen het zorgen voor een gedragsverandering bij daders waardoor zij stoppen met hun criminele activiteiten. De meerwaarde is voornamelijk gelegen in het streven naar naadloze aansluiting op de nazorg van de proactieve, preventieve, curatieve en repressieve aanpak plus de aanpak van tegenhouden. En ook voor slachtoffers bestaat aandacht. Steeds is er sprake van een persoonsgerichte aanpak, waarbij het aanbieden van maatwerk voorop staat.

Veelal wordt de in Tilburg ontwikkelde rolverdeling gevolgd: de gemeente voert de regie, stuurt en zorgt voor samenhang. Het OM beslist over de strafrechtelijke reactie, bijvoorbeeld dagvaarding of aanbieden van taakstraffen. De reclassering en de Raad voor de Kinderbescherming adviseren over taakstraffen. De politie is de grootste ‘leverancier’ van zaken in het veiligheidshuis. De politie verwijst bij lichte vergrijpen door naar Bureau Halt. De Jeugdreclassering zorgt voor advies en begeleiding van jongeren. De Raad voor de Kinderbescherming volgt minderjarigen gedurende straftrajecten. Het Bureau Jeugdzorg komt in actie bij zware jeugdproblematiek. Het maatschappelijk werk is werkzaam bij hulpverlening aan probleemgezinnen. De verslavingszorg begeleidt gebruikers en verslaafden met problemen door alcohol, drugs, gokken of medicijnen. Slachtofferhulp zorgt voor opvang van slachtoffers van misdrijven of ernstige verkeersdelicten. Kortom, het veiligheidshuis is een conglomeraat van overleggen, waarvan de deelnemers, input en output zijn beschreven. Er bestaan centrale persoonsdossiers om trajectafspraken te kunnen maken. Er is ook nazorg voor ex-gedetineerden.

Tot nu toe zijn de speerpunten van veiligheidshuizen vooral veelplegers, jeugdige daders, huiselijk geweld, problemen rond verslaving en psychiatrische problemen. Men kan constateren dat in veel gemeenten de werkwijze van veiligheidshuizen effectieve vormen van ketenaanpak oplevert. Het is een uitdaging op zoek te gaan naar nieuwe probleemvelden die een persoonsgerichte, gebiedsgebonden aanpak vergen. Voorbeelden zijn spijbelende jongeren, allochtone jeugd die overlast veroorzaakt en multi-probleemgezinnen. Door in nieuwe probleemvelden werkzaam te zijn, verstevigt de lokale inbedding van het OM. Het OM krijgt dan immers met steeds meer lokale problemen te maken, waarbij inzet van de expertise van het OM een welkome factor is. Het zal een opgave zijn deze nieuwe probleemvelden te benoemen. Zeker indien men zich bedenkt dat problemen per buurt of wijk verschillen. Iedere buurt of wijk heeft zo zijn eigen specifieke problemen.

Uit een in 2008 in opdracht van de VNG uitgevoerde quick scan blijkt dat veel gemeenten nog worstelen met de vormgeving en financiering van de veiligheidshuizen.

Op initiatief van de Stichting Maatschappij, Veiligheid en Politie (SMVP) heeft het Expertisecentrum Veiligheid van de Avans Hogeschool Den Bosch een onderzoek uitgevoerd naar de lokale inbedding van het Veiligheidshuis Midden-Limburg. Bij dat veiligheidshuis zijn vanaf 2009 de gemeenten Echt-Susteren, Leudal, Maasgouw, Nederweert, Roerdalen, Roermond en Weert betrokken. Het Veiligheidshuis Midden-Limburg is nog relatief jong en bevindt zich als het ware in de pioniersfase. Juist daarom is het aantrekkelijk aandacht te hebben voor de bevindingen uit het onderzoek naar wat noodzakelijk is om de betrokkenheid van huidige en mogelijk toekomstige partners in het veiligheidshuis te versterken. Ter gelegenheid van het gereed komen van het rapport over het onderzoek is op 4 juni 2009 in Weert een conferentie over de lokale inbedding van veiligheidshuizen georganiseerd. Door de SMVP wordt een bundel gemaakt van de bijdragen van de verschillende inleiders op dit symposium. In deze bundel, die in het najaar van 2009 zal verschijnen, is de onderzoeksrapportage integraal opgenomen.

A+
A+   A-
     A-